Burgers en bedrijven die het niet eens zijn met een beslissing van de Belastingdienst, moeten hun zaak kunnen voorleggen aan een onafhankelijke rechter. De Nationale Assemblée zet dinsdag de behandeling voort van de ontwerpwet Rechtspraak Belastingzaken, die een nieuwe regeling moet bieden voor geschillen over belastingaanslagen, boetes en andere fiscale besluiten. Een belangrijk aandachtspunt is dat de nieuwe belastingrechtspraak daadwerkelijk moet functioneren wanneer de overige fiscale hervormingen worden ingevoerd.

Het initiatiefvoorstel is op 23 juli 2024 ingediend door VHP-assembleelid Asis Gajadien. Het voorziet erin dat belastinggeschillen in eerste aanleg worden behandeld door een kantonrechter in belastingzaken. Tegen diens uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het Hof van Justitie. Daarmee moeten de bestaande raden van beroep voor directe en indirecte belastingen worden vervangen.

De regeling moet belastingplichtigen meer rechtszekerheid bieden. Volgens het ontwerp kan ook beroep worden ingesteld wanneer de belastinginspecteur niet tijdig op een bezwaarschrift beslist. Verder voorziet het voorstel in de mogelijkheid om bij spoedeisende belangen een voorlopige voorziening aan de rechter te vragen. De ontwerpwet staat niet op zichzelf. Zij hangt nauw samen met de Algemene Wet Belastingen, de Invorderingswet en andere fiscale hervormingen die in behandeling zijn bij DNA.

Tijdens eerdere besprekingen benadrukte commissievoorzitter Rabin Parmessar dat de Belastingdienst geen uitgebreidere bevoegdheden moet krijgen zonder dat daar voldoende rechtsbescherming tegenover staat. Hij pleitte voor een zorgvuldige afstemming van de wetten en een invoering die rekening houdt met de uitvoeringscapaciteit van de betrokken instellingen. Ook hofpresident Iwan Rasoelbaks heeft gewezen op het belang van de nieuwe belastingrechtspraak. Volgens hem zijn binnen de rechterlijke macht al voorbereidingen getroffen en lopen opleidingen om belastingzaken te kunnen behandelen.

Bij de recente commissiebehandeling kwamen onder meer de beroepsprocedures, beslistermijnen en de praktische uitvoering aan de orde. Bijzondere aandacht ging uit naar de vraag hoe moet worden gehandeld wanneer de Belastingdienst niet tijdig op een bezwaar beslist. Ook moet worden voorkomen dat bepalingen in de Wet Rechtspraak Belastingzaken en de Algemene Wet Belastingen elkaar overlappen of tegenspreken.

De Commissie van Rapporteurs staat onder voorzitterschap van Rabin Parmessar (NDP). Verder hebben Cheryl Dijksteel (VHP), Ronny Asabina (BEP), Krishnakoemarie Mathoera (VHP), Jennifer Vreedzaam (NDP), Jerrel. Pawiroredjo (NPS) en Michael Marengo (NDP) zitting in de commissie. De verdere behandeling moet duidelijk maken welke aanpassingen nog nodig zijn voordat het voorstel aan het parlement ter besluitvorming kan worden voorgelegd.