President Jennifer Simons vindt dat lokale gemeenschappen rechtstreeks moeten profiteren van mijnbouwactiviteiten in hun omgeving. Dat benadrukte zij gisteren tijdens de viering van tien jaar commerciële productie van de Merian-goudmijn van Newmont Suriname. Tegelijk stelde zij dat de goudsector verder moet worden versterkt en beter georganiseerd, zodat deze duurzaam kan bijdragen aan de ontwikkeling van Suriname.

“De lokale gemeenschappen moeten altijd profiteren van wat er in hun omgeving gebeurt”, zei Simons. Zij onderstreepte daarmee het belang van betrokkenheid van gemeenschappen bij de mijnbouwactiviteiten.

De president erkende tijdens de jubileumviering ook de belangrijke bijdrage van Newmont aan de ontwikkeling van Suriname. Simons, die tien jaar geleden als voorzitter van De Nationale Assemblée betrokken was bij de start van Newmont in Suriname, zei blij te zijn dat het bedrijf zich richt op een langdurige aanwezigheid in het land. Volgens haar biedt dat stabiliteit voor Suriname.

Tegelijkertijd benadrukte zij dat de goudsector een belangrijke rol kan blijven spelen zonder dat dit ten koste gaat van andere economische sectoren of gebieden. Simons sprak daarnaast haar waardering uit voor de inzet van de medewerkers van Newmont.

Volgens haar is het noodzakelijk de goudsector verder te versterken en beter te organiseren, zodat deze op duurzame wijze kan blijven bijdragen aan de ontwikkeling van het land.

De president werd tijdens haar bezoek vergezeld door minister David Abiamofo van Natuurlijke Hulpbronnen, chef-staf Sergio Akiemboto van het Kabinet van de President, leden van het Traditioneel Gezag en president-commissaris van Staatsolie Rudolf Elias.

Volgens Shirley Sowma-Sumter, External Director & Country Manager van Newmont Suriname, heeft de Merian-mijn sinds de start in 2016 4 miljoen ounces goud geproduceerd. De totale omzet bedroeg circa US$ 6,6 miljard. Daarvan is volgens haar US$ 4,74 miljard, gemiddeld 73 procent over de afgelopen tien jaar, als bijdrage in Suriname terechtgekomen.

Dave Meador, managing director Americas van Newmont Corporation, benadrukte dat het succes van de mijn volgens het bedrijf niet uitsluitend wordt afgemeten aan de hoeveelheid geproduceerd goud, maar vooral aan de waarde die voor Suriname wordt gecreëerd.

“Onze nalatenschap wordt bepaald door de kansen die we bieden aan Surinaamse bedrijven en burgers, onze investeringen in gemeenschappen en de positieve impact die we op lange termijn achterlaten”, zei Meador.

Simons kreeg tijdens haar bezoek ook een rondleiding door de mijn. Daarbij maakte zij kennis met de operationele activiteiten en het goudverwerkingsproces.

Met de twee actieve mijnputten, Merian 1 en Merian 2, wordt de operationele levensduur van de mijn momenteel geraamd tot 2042. Daarbij zijn volgens Newmont mogelijkheden voor verdere uitbreiding.

Newmont geeft aan zich te blijven inzetten voor veilige bedrijfsvoering, lokale partnerschappen en duurzame waardecreatie.