AMSTERDAM — Het gerechtshof in Nederland heeft de inmiddels 64-jarige Evert-Jan van Toorenburg uit Zutphen ook in hoger beroep vrijgesproken van de moord op de in Suriname geboren Duncan Zwakke. Die werd op 17 oktober 1989 voor het laatst gezien en is vervolgens spoorloos verdwenen. Het Openbaar Ministerie verdenkt Van Toorenburg ervan dat hij de 31-jarige Zwakke heeft doodgeschoten en vervolgens in een gehaktmolen heeft gegooid. Maar de rechter vindt het bewijs dat daarvoor is geleverd niet afdoende.
Zwakke woonde na zijn komst uit Suriname al enkele jaren in Zutphen en had een baan als technicus bij een pacemaker-fabrikant. Volgens zijn familie en vrienden was hij een voorbeeldige figuur die ‘punctueel en zorgzaam’ was. Na zijn verdwijning kwam echter zijn dubbelleven aan het licht; hij zou zich hebben beziggehouden met de handel in drugs, samen met Van Toorenburg, met wie hij goede vrienden was.
“Zijn ledematen zouden zijn afgehakt”
De twee zouden ruzie hebben gekregen over een drugsdeal en geld, wat volgens justitie reden voor Van Toorenburg zou zijn geweest om Zwakke uit de weg te ruimen. Hij kwam na de verdwijning van Zwakke al snel op de radar van de autoriteiten te staan, mede door verklaringen van een getuige. Hij werd ook aangehouden en zeker veertig keer verhoord, maar uiteindelijk moesten ze hem laten gaan bij gebrek aan concreet bewijs.
Nieuwe getuigenverklaringen
De zaak tegen Van Toorenburg is in 1990 geseponeerd. Maar in 1999 en 2016 zijn er nieuwe getuigenverklaringen afgelegd en vanaf 2022 heeft het cold case-team van de politie met toestemming van de rechter-commissaris opnieuw onderzoek gedaan. Gevolg daarvan was dat Toorenburg in 2024 opnieuw werd aangehouden.
Volgens de verklaring van de eerdergenoemde getuige heeft de Van Toorenburg, die nu een gerespecteerde vastgoedhandelaar in Zutphen is, Zwakke samen met iemand anders om het leven gebracht in de kelder van het restaurant van zijn ouders. Zijn ledematen zouden zijn afgehakt. Het vlees zou van de botten zijn gehaald met een stanleymes en een hakbijltje en zijn vermalen in een speciaal daarvoor aangeschafte gehaktmolen.
De botten werden volgens de getuige verpakt en later die nacht weggebracht naar een rivier in de buurt van Arnhem. Het bloed en vlees zijn weggewerkt via de wc en de keukenafvoer in het restaurant. Bij het wegmaken van het lichaam zou zoveel bloed zijn gevloeid dat op het onderste deel van de kelderladder bloed is terechtgekomen. Dat deel van de ladder zou daarom zijn afgezaagd.
De verklaring van de getuige is het enige bewijs dat een scenario vormt over hoe Duncan Zwakke om het leven is gekomen en zou door de verdachte aan hem zijn verteld. Het is dus een verklaring van horen zeggen. Bovendien zitten er naar het oordeel van het gerechtshof de nodige haken en ogen aan die afbreuk doen aan de betrouwbaarheid. In het dossier zit namelijk informatie die niet goed aansluit bij de verklaring van de getuige.
Onopgelost mysterie
De middag na de avond en nacht waarin de moord in de kelder zou zijn gepleegd en het lichaam daar zou zijn weggemaakt – waarbij veel bloed moet zijn vrijgekomen – is twee medewerkers van een drankenhandel die in de kelder een biervat hebben aangesloten niets opgevallen. Ook niet aan de keldertrap. De medewerkers van het restaurant die op 18 oktober 1989 aanwezig waren, hebben ook geen bloed op de trap of ergens anders in de kelder of het restaurant gezien.
In 1989 en in 2024 is er bovendien forensisch-technisch onderzoek gedaan in onder andere de kelder van het restaurant. Dat onderzoek heeft voor de verdachte niets belastend opgeleverd. Er zijn bijvoorbeeld geen sporen van Zwakke gevonden. In een eerder proces over deze zaak werd de verdachte al vrijgesproken, terwijl het OM twaalf jaar had geëist.
In hoger beroep is het hof bij het standpunt gebleven en heeft niet de overtuiging gekregen dat Van Toorenburg hem opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven heeft beroofd en hem daarvoor definitief vrijgesproken. Daardoor blijft de dood van Zwakke vooralsnog een onopgelost mysterie.