“Alles verdwijnt er. Alleen de korpschef en de minister moeten nog worden meegenomen.” Dat zei NPS-fractieleider Jerrel Pawiroredjo dinsdag in De Nationale Assemblee, toen hij in reactie op ABOP-fractieleider Ronnie Brunswijk de misstanden binnen het Korps Politie Suriname (KPS) aan de orde stelde.
Pawiroredjo verwees daarbij naar goud, kwik en arrestanten die bij het politiekorps zijn verdwenen. Volgens hem is het terecht dat het gevoerde beleid in het parlement ter discussie wordt gesteld en moet minister Harish Monorath van Justitie en Politie als eindverantwoordelijke daarover verantwoording afleggen.
De NPS-fractieleider reageerde op Brunswijk, die zich eraan stoorde dat de minister volgens hem verantwoordelijk wordt gehouden voor zaken waarop de korpsleiding en regiocommandanten toezicht moeten uitoefenen.
Brunswijk zei dat hij niet in de vergaderzaal aanwezig was, maar had vernomen dat er was gesteld dat de minister zelf op pad zou moeten gaan om controles uit te voeren. Volgens hem beschikt het KPS over een korpschef, een korpsleiding en regiocommandanten die daarvoor verantwoordelijk zijn.
“Daarvoor hebben we die korpschef”, stelde Brunswijk. Hij vindt dat de minister niet zonder meer de schuld mag krijgen wanneer controles binnen het politiekorps tekortschieten. De minister kan volgens hem wel opdrachten geven om functionarissen naar bepaalde locaties te sturen, maar de uitvoering en controle liggen bij de leiding van het korps.
Pawiroredjo benadrukte daarop dat er geen persoonlijke aanval wordt gepleegd op de minister. Volgens hem heeft het parlement het recht om het beleid aan de orde te stellen, zeker wanneer er misstanden binnen het KPS worden geconstateerd.
“Wij spelen niet op de man. Wij spelen op het beleid en de minister is mans genoeg geweest om het hier ook te verdedigen”, zei hij. Tegen Brunswijk voegde Pawiroredjo eraan toe: “We spelen niet op de man, maar op het beleid. We spelen op de bal.”